Franz von SUPPÉ (1819-1895)
 
Franz von SUPPÉ (b. 18 april 1819, Spalato, Dalmatië (Split, Kroatië) - d. 21 mei 1895, Wien) was een Oostenrijks musicus, componist, dirigent en zanger.

Bekende werken van hem zijn de ouvertures Leichte Kavallerie en Dichter und Bauer. Een bekende operette van zijn hand is Boccaccio.
 
Franz von SUPPÉ
foto: ?
jaar: ?
levensloop
 
Franz von SUPPÉ werd geboren op 18 april 1819 te Spalato, Dalmatië (Split, Kroatië) als Francesco Ezechiele Ermenegildo Cavaliere SUPPÉ DEMELLI. Franz was een zoon van een Belgische vader en een Oostenrijkse moeder. Hij was een achterneef van Gaetano DONIZETTI. Franz bracht zijn kindertijd door in Zadar alwaar hij zijn eerste muzieklessen kreeg en al op jonge leeftijd begon te componeren.

Als tiener verbleef hij in Cremona, hij studeerde fluit en harmonieleer. Zijn eerste compositie was een geestelijk werk (een Rooms Katholieke mis) die in 1832 voor het eerst werd uitgevoerd in de Franciscaner kerk te Zadar. Op aandrang van zijn ouders verhuisde SUPPÉ naar Padua om rechten te studeren, maar hij verwaarloosde zijn muziekstudie niet.

In 1835 verhuisde SUPPÉ naar Wien en daar vereenvoudigde en verduitste hij zijn naam. Tevens wijzigde hij Cavaliere in von. Buiten het Duitse taalgebied wordt zijn naam soms als Francesco SUPPÉ-DEMELLI in programma´s vermeld. Aan het Conservatorium te Wien studeerde SUPPÉ bij Ignaz Xaver Ritter von SEYFRIED (1) en Simon SECHTER (2).

Op invitatie van Franz POKORNY (3) (directeur van het theater) werd SUPPÉ in 1840 Kapellmeister aan het Theater in der Josefstadt (4), in eerste instantie zonder betaling maar met de mogelijkheid om zijn eigen operette´s daar te kunnen doen uitvoeren.

SUPPÉ was ook zanger en als zodanig debuteerde hij, in 1842 in het Soproni Petöfi Színház (5) (Sopron theater), als Dulcamara (bas) in Gaetano DONIZETTI´s l´Elisir d´Amore.
 
Graf Franz von SUPPÉ
Wien, Zentralfriedhof

foto: Rüdiger WÖLK
jaar: ?
 
Vanaf 1845 was Franz von SUPPÉ ook Kapellmeister aan het theater An der Wien (6) en van 1865-1882 was hij ook Kapellmeister am Carl-theater (7) (theater in der Leopoldstadt) te Wien. SUPPÉ schreef muziek voor meer dan honderd producties voor voornoemde theaters en voor een theater te Baden. Hij dirigeerde uiteraard ook werken van andere componisten zoals in 1846 Les Huguenots van Giacomo MEYERBEER.

SUPPÉ componeerde de mars Oh Du mein Österreich; welke door Peter BRANSCOMBE in New Grove Dictionary of Music and Musicians ref.[III] werd gekarakteriseerd als het tweede Oostenrijkse volkslied.

SUPPÉ hield kontakt met zijn geboortestreek, Hij bezocht af en toe Split, Zadar en Šibenik. Met name zijn operette Des Matrosen Heimkehr speelt zich af in Hvar. Nadat SUPPÉ als dirigent met pensioen was ging hij door met het schrijven van opera's, maar verlegde zijn focus zich naar religeuse muziek. Hij schreef nog een requiem voor de theater directeur Franz POKORNY, drie missen, verschillende liederen, symfonieën en concert ouvertures.

Franz von SUPPÉ overleed op 21 mei 1895 te Wien. Hij is begraven op het Wiener Zentralfriedhof (32A-31)


Maarten WIJDENES
 
 
 
 
 
 
voetnoot
 
Ignaz Ritter von SEYFRIED
litho: Josef KRIEHUBER
1829
 
(1)  SEYFRIED, Ignaz Xaver Ritter von
(b. 15-08-1776, Wien - d. 27-08-1841, Wien)
Oostenrijks componist, dirigent en muziektheoreticus. Hij componeerde meer dan 100 werken voor muziektheater en veel instrumentale- en kerkmuziek.
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Simon SECHTER
litho: Josef KRIEHUBER
1840
 
(2)  SECHTER, Simon
(b. 11-10-1788, Frymburk (Friedberg), Bohemen - d. 10-09-1867, Wien)
Oostenrijks muziek pedagoog, muziekleraar, organist, dirigent en componist. Hij werd in 1851 docent compositie aan het Weens conservatorium. Hij schreef een drie delen omvattende verhandeling over de principes van de compositieleer genaamd Die Grundsätze der musikalischen Komposition. Dit werk was afgeleid uit Jean-Philippe RAMEAU´s theories over de fundamental bass. Het werk van SECHEL heeft vele na hem komende theoretici beïnvloedt. Hij schreef verder circa 5000 fuga´s, hij probeerde om er elke dag tenminste één te schrijven.
 
 
 
 
 
(3) POKORNY, Franz
(b. ? - d. 1850)
directeur (1837-1848) van Theater in der Josefstadt (4)
 
 
(4)  Theater in der Josefstadt
Josefstädter Straße 26, 1080 Wien.
 
Soproni Petöfi Színház
foto: Saját Készítésü
2005-10-25
 
(5)  Soproni Petöfi Színház , (Sopron Theater)
Sopron, Duits: Ödenburg is een stad in west-Hongarije, aan de grens met Oostenrijk. Theater: Soproni Petöfi Színház, 9400 Sopron, Petöfi tér 1 (tér = plein).
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
(6)  Theater an der Wien  (Wikipedia)
Linke Wienzeile 6, 1060 Mariahilf, Wien, Österreich
 
 
 
 
Carl-Theater, Wien
foto: ?
1906
 
(7)  Carl-Theater, Wien
Het Carl-Theater, successor van het Leopoldstädter Theater, aan de Jägerzeile, nu Praterstraße 31 te Wien, opende in 1847 haar poorten. In 1928 was het theater niet meer te exploiteren en sloot het. In 1944 werd het gebouw door een bombardement zwaar beschadigd en in 1951 is het gesloopt.
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
(8)  Ref. [IV] is de Duitstalige pendant van ref. [III].
 
 
 
 
 
 
 
 
oeuvre (deelverzameling)
Dichter und Bauer, operette, 3 aktes
libretto: Karl ELMAR, (pseudoniem van: Karl SWIEDACK)
première: 1846, Wien
 
Das Pensionat, operette, 1 akte
libretto: C. K. (alleen de initialen van de naam zijn bekend), naar Les Visitandines van Louis Benoît PICARD en François DEVIENNE
première: 24-11-1860, Wien, Theater an der Wien
 
Die Kartenschlägerin (Pique Dame) , operette 2 bedrijven
libretto: Karl TREUMANN
première: 26-04-1862, Wien, Kai-Theater
 
Zehn Mädchen und kein Mann, operette 1 bedrijf
libretto: Wilhelm FRIEDRICH, (pseudoniem van: Friedrich Wilhelm RIESE)
première: 25-10-1862, Wien, Kai-Theater
 
Flotte Burschen (Das Bild der Madame Potifar) , operette, 1 bedrijf
libretto: Josef BRAUN
première: 18-04-1863, Wien, Kai-Theater
 
Pique Dame (Revisie van Die Kartenschlägerin) , opera 2 bedrijven
libretto: Karl TREUMANN
première: 22-06-1864, Graz
 
Die schöne Galathée, opera 1 akte
libretto: Poly HENRION (pseudoniem van: Leonhardt Kohl von KOHLENEGG), naar de opéra comique Galathée van Jules BARBIER, Michel CARRÉ en MASSÉ
première: 09-09-1865, Wien, Carl-Theater
 
Leichte Kavallerie, operette 2 bedrijven
libretto: Carl COSTA, (pseudoniem van: Karl KOSTIA)
première: 21-03-1866, Wien, Carl-Theater
 
Banditenstreiche, operette 1 bedrijf
libretto: B. BOUTONNIER
première: 27-04-1867, Wien, Carl-Theater
 
Die Frau Meisterin, operette 3 bedrijven
libretto: Carl COSTA, (pseudoniem van: Karl KOSTIA)
première: 20-01-1868, Wien, Carl-Theater
 
Fatinitza, opera 3 bedrijven
libretto: Friedrich ZELL, (pseudoniem van: Camillo WALZEL) en Richard GENÉE, naar de opéra comique La Circasienne van Eugène SCRIBE en Daniel François Esprit AUBER
première: 05-01-1876, Wien, Carl-Theater
 
Boccaccio, operette 3 bedrijven
libretto: Friedrich ZELL (pseudoniem van: Camillo WALZEL) en Richard GENÉE, naar Boccace ou Le Décaméron van Jean BAYARD, Adolphe de LEUVEN, Léon-Lévy BRUNSWICK en Victor Arthur de BEAUPLAN
première: 01-02-1879, Wien, Carl-Theater
 
Donna Juanita, operette 3 bedrijven
libretto: Friedrich ZELL (pseudoniem van: Camillo WALZEL) en Richard GENÉE, naar Die Verschwörung der Frauen oder Die Preußen in Breslau van Arthur MÜLLER
première: 21-02-1880, Wien, Carl-Theater
 
Der Gascogner, operette 3 bedrijven
libretto: Friedrich ZELL (pseudoniem van: Camillo WALZEL) en Richard GENÉE, naar Eugène SUE
première: 22-03-1881, Wien, Carl-Theater
 
Des Matrosen Heimkehr, 2 bedrijven
libretto: A. LANGNER
première: 04-05-1885, Hamburg
 
Bellmann, 3 bedrijven
libretto: Moritz WEST en Ludwig HELD
première: 26-02-1887, Wien, Theater an der Wien
 
Die Jagd nach dem Glück, 3 bedrijven
libretto: Richard GENÉE en Bruno ZAPPERT
première: 27-10-1888, Wien, Carl-Theater
 
Oh Du mein Österreich, march
 
Ein Morgen, ein Mittag und ein Abend in Wien, ouverture
 
Dichter und Bauer, ouverture
 
Tantalusqualen, ouverture
 
 
 
 
 
 
referentie
 
[I] GANZL Kurt, The Encyclopedia of Musical Theatre
3 delen, New York: Schirmer Books, 2001.
 
[II] TRAUBNER Richard, Operetta: A Theatrical History,
Garden City, NY: Doubleday & Company, 1983
 
[III] BRANSCOMBE Peter, The New Grove Dictionary of Music and Musicians
2e ed Stanley SADIE, 29 vols. London, 2001 Macmillan Publishers
 
[IV] FINSCHER L., Die Musik in Geschichte und Gegenwart (MGG),
2e ed. 21 vols. Kassel 2002 Bärenreiter and Metzler.
 
 

terug
startpagina